Begrijpend lezen in groep 5: signaalwoorden, tekstsoorten en conclusies trekken

Groep 5 is het jaar waarin begrijpend lezen een duidelijke sprong maakt. Waar leerlingen in groep 4 nog vooral antwoorden terugzochten in de tekst, leren ze dit jaar om echt te redeneren over wat ze lezen. Teksten worden langer, tekstsoorten gevarieerder en signaalwoorden, verwijswoorden en conclusies trekken krijgen nadrukkelijk aandacht. In dit artikel zet ik de leerdoelen voor begrijpend lezen in groep 5 op een rij.
Langere teksten, meer tekstsoorten
De teksten worden in groep 5 langer en gevarieerder dan in groep 4. Leerlingen werken niet alleen met verhalende en informatieve teksten, maar ook met nieuwsteksten, instructieteksten en betogende teksten, teksten met meningen. Ze leren de tekstsoort herkennen en begrijpen dat je een instructie anders leest dan een verhaal.
Leerlingen leren dit jaar dat een zakelijke tekst, zoals een nieuwsartikel, een encyclopedietekst of een folder, anders is opgebouwd dan een verhaal. Een nieuwsartikel begint met de belangrijkste informatie en werkt naar de details toe. Een informatieve tekst over dieren heeft kopjes die je helpen snel de juiste informatie te vinden. Wie die opbouw herkent, begrijpt de tekst sneller en beter. Ze leren ook nadenken over het doel van een tekst: waarom is dit geschreven en voor wie?
Signaalwoorden en verwijswoorden: verbanden zien
Een van de belangrijkste leerdoelen dit jaar is het herkennen van signaalwoorden en verwijswoorden. Signaalwoorden zoals "omdat", "maar", "dus" en "daarom" geven aan hoe zinnen met elkaar samenhangen: oorzaak en gevolg, tegenstelling, doel en middel. Wie die woorden herkent, begrijpt de logica van een tekst beter.
Verwijswoorden komen in groep 5 complexer aan bod dan in groep 4. Leerlingen leren niet alleen "hij" en "zij" koppelen aan de juiste persoon, maar ook woorden als "die", "dat", "deze" en "daar" verbinden aan de juiste informatie in de tekst. Denk aan een zin als: "De man reed op een scooter de straat in. Vince herkende hem direct." Naar wie verwijst "hem"? Naar de man. Leerlingen leren dit soort verbanden bewust leggen.
Conclusies trekken: tussen de regels lezen
In groep 5 krijgt het trekken van conclusies uit een tekst nadrukkelijk meer aandacht. Het antwoord op een vraag staat niet altijd letterlijk in de tekst. Soms moet een leerling informatie combineren en redeneren om tot een conclusie te komen. Als een schrijver heel enthousiast is over een product, is de conclusie dat hij er tevreden over is, ook al staat dat nergens letterlijk.
Dit vraagt om een andere manier van lezen dan in groep 4. Leerlingen moeten informatie combineren, redeneren en hun eigen kennis inzetten. Een vaardigheid die in groep 6, 7 en 8 steeds belangrijker wordt en ook zwaar weegt op de doorstroomtoets.

Leesstrategieën: bewuster en zelfstandiger
Leerlingen leren dat je altijd met een leesdoel leest en dat je je manier van lezen daarop afstemt. Ze oefenen met het globaal lezen van een tekst: eerst de titel, kopjes, afbeeldingen en vetgedrukte woorden bekijken, voordat ze de tekst inhoudelijk lezen. Zo bouwen ze voorkennis op en weten ze wat ze kunnen verwachten.
Andere strategieën die dit jaar verder worden uitgebouwd: voorspellen, vragen stellen bij de tekst, samenvatten in eigen woorden en nadenken over of je de tekst echt hebt begrepen. Die laatste strategie, bewust zijn van je eigen begrip, is een van de krachtigste leesvaardigheden die een leerling kan ontwikkelen.
Woordenschat en kennis van de wereld
Een brede woordenschat blijft ook dit jaar de stille motor achter goed tekstbegrip. Leerlingen leren de betekenis van onbekende woorden afleiden uit de context: door terug te lezen, verder te lezen of te kijken naar de zinnen eromheen. Daarnaast speelt voorkennis een grote rol. Wie iets weet over het onderwerp van een tekst, begrijpt die tekst makkelijker.
Thuis kun je hieraan bijdragen door samen te praten over wat een kind leest, nieuws te bespreken en vragen te stellen over de inhoud. Een kind dat nieuwsgierig is naar de wereld, heeft bij begrijpend lezen een duidelijke voorsprong.

Wanneer vraagt begrijpend lezen in groep 5 om extra aandacht?
Als een leerling moeite heeft met het leggen van verbanden tussen zinnen, conclusies niet kan onderbouwen of steeds antwoorden terugzoekt zonder de tekst echt te begrijpen, is dat een signaal. In groep 5 worden de eisen hoger. Leerlingen die in groep 4 net voldoende scoorden, merken dat hier soms. Bespreek dit vroegtijdig met de leerkracht en oefen gericht op de zwakke onderdelen.
Hoe staat een leerling op de leerlijn begrijpend lezen?
De leerlijn begrijpend lezen wordt in groep 5 twee keer gemeten via het leerlingvolgsysteem: de M5-toets halverwege het jaar en de E5-toets aan het einde. Die toetsen geven inzicht in hoe een leerling presteert ten opzichte van de verwachte leerlijn.
Met de 3LOK Leerlijncheck breng je per leerdoel in kaart hoe een leerling presteert, afgestemd op de leerlijnen voor rekenen, begrijpend lezen en taalverzorging. Zo zie je precies waar de basis goed zit en waar nog ruimte is om te groeien.


De oefenboeken van 3LOK voor groep 5 sluiten aan op de leerlijnen voor begrijpend lezen en zijn afgestemd op Cito Leerling in Beeld en IEP.
Lees ook:
Begrijpend lezen groep 6 → binnenkort beschikbaar
Begrijpend lezen groep 7 → binnenkort beschikbaar
Begrijpend lezen groep 8 → binnenkort beschikbaar
Spelling in groep 5 → binnenkort beschikbaar
Tot slot
Groep 5 is het jaar waarin begrijpend lezen echt de diepte ingaat. Teksten worden langer, tekstsoorten gevarieerder en leerlingen leren verbanden zien en conclusies trekken die niet letterlijk in de tekst staan. Wie deze vaardigheden in groep 5 goed opbouwt, heeft een stevige basis voor de bovenbouw en de doorstroomtoets.
Bas, meester groep 5




